Boudewijn Revis, Staatsbosbeheer: 

"We hebben rentmeesters nodig om hun creatieve oplossingen"

Foto: Aanleg van houtwallen, Drenthe.
Marco van de Burgwal, Staatsbosbeheer

Staatsbosbeheer heeft zo’n dertig rentmeesters in dienst, werkt met nog eens twintig rentmeesters in de flexibele schil en is zodoende “misschien wel de grootste rentmeesterswerkgever van Nederland.” De opgaves voor Staatsbosbeheer veranderen en het vak van de rentmeester ook. In gesprek met Boudewijn Revis, directeur Terreinbeheer en Ontwikkeling.

Natuurbeheerders staan voor grote opgaves: de biodiversiteits- en stikstofcrisis, klimaatverandering. Staatsbosbeheer wil tot 2030 vijfduizend hectare nieuw bos aanplanten. Waar gaat u alle bomen laten?

“Dat is een goede vraag, we hebben 20 miljoen bomen nodig. We kijken eerst waar nieuw bos op eigen terreinen een plek kan krijgen. Waar is draagvlak en waar past het bij de terreindoelen? Daarnaast proberen we nieuwe gronden aan te kopen. En we kijken met onze Rijkspartners: waar hebben zij op hun terreinen plek?

En dan liggen er nog veel meer opgaves in het landelijk gebied: energietransitie, woningbouw, landbouw. Daar willen we als Staatsbosbeheer ook ruimte voor maken.”

Waarom zou je je druk maken om andere opgaves als je je handen al vol hebt aan natuur?

“Staatsbosbeheer bezit 7 procent van Nederland, we zijn de grootste grondeigenaar. We hebben daarom een grote verantwoordelijkheid. De beste manier is een integrale manier. Daarom maken we nu een reorganisatie door van beheer- naar ontwikkelingsorganisatie. We ruilen gronden als we daarmee verschillende opgaves kunnen dienen. Je kunt ook denken aan graslanden waarop misschien natuurinclusieve landbouw past. Of neem de hoogspanningslijnen: daaronder mogen geen bomen groeien, maar misschien kun je er wel zonnepanelen neerleggen.”

“Het vak van rentmeester verandert, rentmeesters staan veel meer midden in de maatschappij. Dat zien we ook bij Staatsbosbeheer.”

Boudewijn Revis
directeur Terreinbeheer en Ontwikkeling bij Staatsbosbeheer

“Het vak van rentmeester verandert, rentmeesters staan veel meer midden in de maatschappij. Dat zien we ook bij Staatsbosbeheer.”

Boudewijn Revis
directeur Terreinbeheer en Ontwikkeling bij Staatsbosbeheer

Gaat de natuur er bij al die opgaves ook op vooruit?

“De natuuropgave staat op één, daarvoor hebben we ook een wettelijke verplichting. Wij zijn een uitvoeringsorganisatie: we zijn in handen van de overheid en voeren regels en wetten uit. We kijken bij elke hectare: welke kaders zijn gesteld? In Natura 2000-gebieden zijn dat de Vogel- en Habitatrichtlijn, op andere plekken geldt bijvoorbeeld de SNL-verordening. Daar houden we ons aan. Ook bij de aanplant van bos kijken we naar het effect op biodiversiteit. In veel gevallen is nieuw bos sowieso een zegen voor het land: het brengt verkoeling, een plek om te recreëren.”

Wat vragen al deze ontwikkelingen van jullie rentmeesters?

“Het vak verandert, rentmeesters staan veel meer midden in de maatschappij. Dat zien we ook bij Staatsbosbeheer. Staatsbosbeheer is in verschillende gebiedsprocessen een belangrijke partner. Niet als gebiedsregisseur maar in een team van gebiedsregisseurs, soms als voortrekker, soms faciliterend. Het is belangrijk dat je dan niet alleen met problemen maar ook met oplossingen komt. Dat kan ook, want we hebben grond. In die oplossingen moeten de verschillende belangen zoveel mogelijk zijn gehoord. En de uitkomst moet natuurlijk niet strijdig zijn met onze eigen, objectieve belangen. Een rentmeester heeft de vakkennis maar kan zich ook goed in anderen verplaatsen. Meedenken aan oplossingen die verder kijken dan de opgaven op het eigen terrein. En oog houden voor de bestuurlijke context.”

Wat is nodig om alle transities in het landelijk gebied tot een goed einde te brengen?

“Staatsbosbeheer probeert een lokale/regionale partner te zijn, daarom hebben we ons decentraal georganiseerd. Bij ruimtelijke impact ontstaan grote emoties. Centraal organiseren leidt dan juist tot spanning. Er wordt daardoor ook vaak gezegd dat de agrarische sector tegenover natuur staat. Maar alle opgaven – stikstof, klimaat, biodiversiteit – zijn juist een kans om beide te verbinden, via een extensievere bedrijfsvoering. We lijken meer op elkaar dan tegenstellingen doen vermoeden.

Iets vergelijkbaars speelt ook bijvoorbeeld bij het leidingenbeheer. Als Staatsbosbeheer hebben we veel contacten met energie, water en telecom bedrijven. Het uitrollen van 5G kan bijvoorbeeld niet zonder Staatsbosbeheer. Het levert natuurlijk denkwerk op, maar in plaats van alleen maar ‘nee zeggen’ willen we graag kijken: hoe kan het wel? Daar heb je dan wel creatieve oplossingen voor nodig en die verwachten we van de rentmeesters.”

“In plaats van alleen maar ‘nee zeggen’ willen we graag kijken: hoe kan het wel? Daar heb je dan wel creatieve oplossingen voor nodig en die verwachten we van de rentmeesters.”